over de grens

Weiden lopen oeverloos over in elkaar. Een beek kabbelt er zich een weg doorheen. Wolken schuiven aan mij voorbij. Als ben ik lucht. Daar in de zon op een trein van land naar land. Niets zegt dat we een grens oversteken. Niet de conducteur die eerder waarschuwde voor...

spiegelbeeld

Ik zie mezelf. In het achteruitkijkspiegeltje dat ik naar beneden klapte om ongezien een blik op de kinderen te werpen. Een bruuske beweging zou het kalme wild weer opjagen. Maar ik zie dus mezelf. Niet mijn hele zelf. Eigenlijk zie ik alleen mijn rimpeltjes....

ontroerend erfgoed

Een langgerekte schreeuw van vrolijk weerzien. Van aan de overkant van de speelplaats tot hier en nu en mij. Volgend jaar is dat onherroepelijk voorbij, denk ik. Maar nu ziet ze me nog graag staan. En vliegt me in de armen, elfje als ze is. Ik hou het vast. En haar....

adem

Soms schreef ik aan mijn moeders bed: woorden, herinneringen, mijn toekomst. Vaker keek ik naar buiten of diep naar binnen. Maar altijd was er het opkijken – van het scherm, van de wereld, van mezelf – bij haar adem die plots stopte. Het dichterbij gaan...

mijn kop

Dat ik raar in mijn kopje roer. Merkten mijn dochters een tijd geleden verwonderd op. Sinds toen begrijp ik waarom ik koffie drinken zo vermoeiend vind. Roerend met mijn lepeltje laat ik het intussen ook ronddraaien tussen duim en wijsvinger. Vóór hun opmerking was...