Soms vraagt ze me raad bij de samenstelling van haar gezin, mijn jongste dochter. Nu nog wel. Wie het beste broertje is voor de twee zusjes. En welke mama en papa goed bij elkaar passen. Ondanks het blanke overwicht en de eentonige uniformiteit onder hun kleren, doe ik mijn best om de klassieke patronen te doorbreken. Twee papa ’s met hun gezinnetje. Een bewust ongehuwde buurvrouw. Soms klopt mijn idee met het hare, soms parkeert ze het gewoon ver weg van haar playmobil-huis.
Dat huis richten ze samen in, de jongste met haar grote zus. Die ondanks haar rommel ook houdt van structuur. Eens alle meubeltjes in hun plooi vallen, de gezinnen evenwichtig verdeeld zijn en haar kleine zus vraagt wanneer ze nu echt gaan spelen, heeft zij wat anders te doen. Instagram checken bijvoorbeeld. 105 berichtjes.
Intussen hoor ik mijn kleine verhalenverteller fluisterend spelen. Moeiteloos wisselt ze van persoonlijkheid en voert een monoloog van dialogen. Een strenge juf, een stout kind dat straf verdient. De klassieke patronen. Bij woorden als ‘indrukwekkend’ of ‘heerlijk’, glimlach ik even achter mijn scherm of vanuit de damp van het strijkijzer. Wonderlijk klinken ze, uit een mond van 8.
Na het spelen valt een droeve verlatenheid over het playmobil-huis. En enkele dagen later ook een laag stof. Wie elkaar graag zag of wie in ruzie uit elkaar is gegaan, dat laat zich niet meer raden. Vóór de stofzuiger levens op het spel zet, breng ik iedereen in veiligheid in een doos. Ik trap een papa op de tenen, zijn voeten begeven het onder mijn haastige hak. Ik leg hem aan de kant, bij het meisje met één been. Maar ik aarzel en leg ze in de doos. Bij alle anderen. Wat diversiteit in de eentonigheid.
We slapen gerust die nacht, de papa, het meisje en ik.

Share This